Het duivels dilemma van de getuige

Het duivels dilemma van de getuige

Ieder jaar organiseert een vriend van me een filmweekend. Dit jaar bracht iemand Irréversible, een Franse experimentele film van de cineast Gaspar Noé in. De film werd aangekondigd als zeer gewelddadig. Dat bleek een understatement. Irréversible draait om een indringend gefilmde verkrachting. Gaspar Noé maakt je kundig en meedogenloos getuige van geweld. Hou je het vol om te blijven kijken dan brengt Gaspar Noé je dicht bij een traumatiserende situatie. Ik had moeten weglopen, maar ik bleef verstijfd kijken. Achteraf had ik een bijzonder naar gevoel.

Op weg naar huis probeer ik soep te koken van mijn gedachten. Kennelijk ben ik niet de enige, want een van de mannen belt me in de auto. Samen filosoferen we waarom we zo van slag zijn. Hij vraagt zich af wat hij zou doen als getuige van geweld: “Waar ik nog het meest bang voor ben is dat ik niets zou doen. Daar ben ik misschien nog het meest kwaad over.” Precies, wat als ik dan ook zou verstijven? Daar gaat deze blog over.

De theorie kende ik al van de filosofen Levinas, Camus en Jaspers.  Maar Gaspar Noé liet me ook echt voelen wat Jaspers bedoelt met zijn metafysische schuld, die ik overigens getuigeschuld noem. Niet dat ik die tijdens de filmavond herkende. Die avond maakte ik vooral verwijten aan mijn vriend over zijn filmkeuze. Hoe kan je ons dit aandoen? Misschien niet zo heel raar om in de heftigheid van de emotie iemand verwijten te maken, maar achteraf ik realiseerde me wel dat ik daarmee iets verdoezelde. En dat werd de aanleiding om dit blog te schrijven.

Pas achteraf kwam de theorie en het gevoel bij elkaar en herkende ik het nare gevoel als een schuldgevoel. Dit schuldgevoel heeft niets te maken met een juridische of een morele schuld. Getuigeschuld is een emotie die voortkomt uit een verantwoordelijkheidsgevoel naar de ander. Eigenlijk komt het voort uit drie ingrediënten: empathie, verantwoordelijkheidsgevoel en een gevoel van onmacht. Het is een akelig gevoel als je getuige bent van iemands lijden en je weet niet te handelen. Van dat gevoel kan je niet worden beschuldigd noch vrijgesproken. Het gaat ook niet over je verantwoorden naar de ander, zoals bij schaamte. Het is zuiver privé en gaat uitsluitend over het afleggen van verantwoording aan je-zelf ten aanzien van jouw waarden. Je eigenwaarde staat op het spel – jouw oordeel over jezelf. Dat is waarom het zo naar voelt en het is ook niet zo raar dat je daar onzeker of boos van wordt.

Doordat het gevoel zo privé is kan je het makkelijk maskeren door een andere emotie. In mijn voorbeeld werd ik boos op mijn vriend. Daardoor kon ik er in eerste instantie niet over praten en was er geen ruimte voor verwerking. Het schuldgevoel kan dan ondergronds gaan in de schaduw van onze persoonlijkheid. Ongemerkt kunnen we een hekel aan onszelf krijgen. Albert Camus beschrijft dit in zijn roman ‘De val’.

De hoofdpersoon, Jean Baptist, een gevierd advocaat, is getuige wanneer een vrouw van een brug in de Seine springt. Hij had van alles kunnen doen, om hulp roepen, de vrouw achterna springen, maar hij deed niets. Zijn zelfoordeel is hard, hij acht zichzelf verder ongeschikt voor rechtspraak en onomkeerbaar neemt zijn leven een wending.

In dat oordeel naar onszelf schuilt het gevaar. In dit blog gebruik ik heftige voorbeelden. Maar de drie ingrediënten: empathie, verantwoordelijkheidsgevoel en onmacht komen in ons dagelijks leven vaker voor. Wanneer we daar gevoelig voor zijn, kan dat een gevaarlijke mix zijn. Een kind dat getuige is van ouderlijke ruzies, een geliefde die een ongeluk krijgt, een ouder van een verslaafd kind, een manager die zijn bedrijf failliet ziet gaan, een collega die wordt gepest. Er zijn talloze voorbeelden. Telkens wanneer iemand de vraag kan stellen “Had ik iets (anders) kunnen doen?” kan die getuigeschuld ervaren. Aan de buitenkant hoeft die niet zichtbaar te zijn. Sterker nog, de getuige hoeft het nare gevoel niet te associëren met schuld. De emotie die aan de buitenkant wel zichtbaar is, kan een volstrekt andere indruk geven. Daarom vraag ik mijn cliënten ernaar wanneer ik een vermoeden heb. Als er een verontwaardigde reactie komt, vraag ik door. Wat is geschied kan niemand herschrijven, hoezeer ik of iemand anders dat ook zou willen, maar door open en eerlijk te praten over gevoelens maken we ruimte. Ruimte voor nieuw potentieel en nieuwe groei.

Auteur

  • Sietse Roeda

    Na jarenlang als programmamanager innovatieve verandertrajecten te hebben geleid, begeleidt Sietse tegenwoordig mensen op hun pad van groei en ontwikkeling. Bij individuele trajecten of team coaching en training creëert hij een ruimte waar je jezelf mag zijn en waar volop onderzocht, gespeeld en geëxperimenteerd mag worden. In die setting ga je op zoek naar een versie van jezelf waar je blij van wordt.

Geen reactie's

Sorry, het is niet mogelijk om te reageren.